Over Hinke Drijver

Hinke Drijver is psycholoog / gedragswetenschapper bij Advisium ’s Heeren Loo. Wat motiveert haar om zich met adaptief gedrag bezig te houden? ‘Wat mij drijft is het belang van goede diagnostiek. Iedereen heeft recht op een juist, kloppend beeld van functioneren. Maar dat konden we niet leveren, omdat er geen goed instrument was.’

‘De voorloper van het DIAG is in de jaren zeventig van de vorige eeuw ontwikkeld. Dat is ondertussen veertig jaar geleden! De maatschappij is ondertussen behoorlijk veranderd. Een voorbeeld: een vraag gaat over veters strikken. Inmiddels zijn schoenen met klittenband heel normaal. Daar kun je iemands vaardigheid dus niet meer op scoren. Of: het gebruik van de mobiele telefoon en internet. Dat was er in de jaren ’70 nog niet en komt in de oude lijst dan ook niet voor.

Goed, maar niet meer van deze tijd
Deze oude lijst die vanaf de jaren ’70 veel werd gebruikt was echt heel goed, maar niet meer bij de tijd. In de praktijk zag ik dat er gewerkt werd met verschillende lijsten. De verouderde, een nieuwe Amerikaanse of andere lijsten die niet specifiek genoeg voor deze doelgroep ontwikkeld waren. Dat is heel begrijpelijk, want ‘je moet toch wat’. Maar ik zag ook dat er vaak vrij (te) stellige conclusies werden getrokken. Daar doe je mensen geen recht mee.

Trigger
Dat was de trigger. De diagnostiek die we leverden was niet goed genoeg,  omdat er geen goede lijst beschikbaar was. Toen bedacht ik dat we het maar zelf moesten gaan doen. Maar ja, hoe pak je dat aan?? Daar had ik wel wat ideeën over, maar het moet ook een plek hebben en je moet genoeg gelegenheid krijgen om het uit te werken en daarna in te voeren.

Prijsvraag
Ik heb een onderzoeksvoorstel geschreven en deze ingediend voor de prijsvraag van de NPGZ. Tot mijn grote verrassing hebben we die gewonnen!! Dat heeft als een versneller gewerkt. Je krijgt een mooi bedrag om het onderzoek mee op te zetten en zo gaat het rollen. En zo is het DIAG ontwikkeld: het Diagnostisch Instrument Adaptieve Gedrag.

Promotieonderzoek
Het DIAG is ondertussen aangepast, het is nu geschikt voor de groep mensen met een matige tot zeer ernstige verstandelijke beperking. De volgende stap die we nu gaan zetten, is het onderzoek naar betrouwbaarheid en validiteit van het DIAG (validiteit is de mate waarin je resultaten geldig zijn en overeenkomen met de werkelijkheid). Dat is het onderwerp van mijn promotieonderzoek, dat ik in samenwerking met de hoogleraren Carlo Schuengel (Vrije Universiteit) en Robert Didden (Radboud Universiteit) uitvoer.

Bevestiging praktijk
Waar ik heel blij van word is de bevestiging die ik krijg vanuit de praktijk. Ik krijg enthousiaste reacties, dat geeft me de energie die ik nodig heb om dit grote onderzoeksproject te volbrengen.’